Het blijft belachelijk dat we complimenten eerder vergeten dan kritiek. Dat we in een rij van negen positieve dingen, blijven haken op dat ene negatieve puntje. Dat we om welke reden dan ook, mooi en lief eerder wantrouwen dan omarmen.
Ik moet wennen aan mijn nieuwe liefde. Niet aan het object d’amour zelf, maar aan hoe het blijkbaar ook kan. Zonder gedoe, zonder enorme irritaties of het eeuwige ‘ weet jij wel hoe moeilijk jij bent om mee te leven ’. Wanneer ik dat een aantal keer te veel hoor, word ik dat vanzelf inderdaad.
Goed, kom maar door met dat addertje onder het gras. Wanneer ga je uit het niets heel vervelend tegen me doen. Wanneer ga je me met de boodschap “ Dit vond ik al heel lang maar ik heb het al die tijd voor me gehouden ” genadeloos de waarheid zeggen ? Dat ik helemaal niet schattig ben wanneer ik ’s ochtends grom dat het te vroeg is. Dat ik zoen als een natte kameel. Dat mijn vriendinnen hysterica’s zijn met nestdrang.
Wanneer blijk je die ene verschrikkelijke eigenschap te hebben waardoor ik je nooit meer wil zien ? Dat je opeens op een zondag zegt dat het tijd is om naar de kerk te gaan. Met je ouders. Of dat je me voorstelt aan een vriend die blijft logeren. Op mij. Of het moment dat je om iets heel kleins een gigantische driftbui krijgt. Ook op mij.
Mijn liefste en ik moeten allebei wennen aan de liefde. Alsof we beide uit hetzelfde bos zijn gekomen om te ontdekken hoe licht het is daarbuiten. Dat je moet wennen aan een kop thee die wordt gebracht met de tekst dat je nou gewoon eens even moet blijven zitten op die bank. Ik zet mijn eigen thee wel ! Dat je moet wennen aan lieve woorden wanneer je kritisch in de spiegel kijkt bij het aandoen van het dertigste jurkje. Ik heb jou heus niet nodig om te weten dat ik er goed uit zie ! Dat je moet wennen aan een kus bij aankomst. Aan een kus bij vertrek. Aan een missen bij weg zijn. Straks voel ik me nog welkom en geliefd ook, ga weg ! Nee, dat laatste bedoelde ik juist niet !
Iedereen kan vertellen dat dit juist de standaard moet zijn, en geen verbazing zou moeten oproepen. Zo is het nu eenmaal te vaak niet. Maar lief, wat wen ik graag aan jou.